Posts tonen met het label Taal. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Taal. Alle posts tonen

zondag 7 februari 2010

Columns schrijven

Een paar columns geleden schreef ik over het belabberde journalistieke niveau van de plaatselijke weekbladen, waarin iedereen zonder onderscheid des persoons zijn of haar zegje mag doen over uiteenlopende onderwerpen als massage voor cavia’s, telefoongesprekken met God of het toneelstuk ‘Opsluut’n den gek!'
Gelukkig is het niet overal kommer en kwel en bestaan er voldoende schrijvers die wel weten aan welke eisen een column moet voldoen. En ook al heeft iedere columnschrijver (m/v) zijn (m/v) eigen stijl en onderwerpkeuze, er bestaan ook veel overeenkomsten tussen die columnisten.

Het is grappig om te zien dat de drie auteurs van het Volkskrant Magazine ondanks de totaal andere invalshoek min of meer dezelfde stijl hanteren. Alle drie (Sylvia Witteman, Wim de Jong, Hanna Bervoets) werpen een licht op hun absurde leven. Sylvia Witteman verhaalt wekelijks over het rariteitenkabinet dat Amerika heet. De megagrote porties voedsel, de ‘sue’-mentaliteit, de schijnheiligheid en het zwart-wit denken. Wim de Jong heeft het steevast over de midlifecrisis bij mannen, het verlies van libido, en beginnende kaalheid en rimpelvorming (eigenlijk meer onderwerpen voor vrouwen, zou je bijna zeggen). Hanna Bervoets - duidelijk de jongste van de drie - heeft de moderne tijd met al haar gadgets, new-waveverschijnselen en de problematiek van de vrijgevochten, zelfstandige, wereldse jonge vrouw als hoofdonderwerp. Het taalgebruik is beeldend, bijvoeglijke naamwoorden worden niet geschuwd, tussenzinnen en vergelijkingen geven extra diepte aan de teksten. Daarbij bestaan de columns altijd uit een kop, een lijf en een staart, maar dat zijn sowieso basale voorwaarden voor een goede tekst.

Ook sommige door de auteur zelf voorgelezen columns op radio 1 zijn pareltjes. André Manuel (De Andere Wereld, zondagochtend, 7:55 uur) bespreekt elke week uitwassen in de samenleving, de politiek en de religie, en maakt vlijmscherp en genadeloos de grond gelijk met zakkenvullers, haatzaaiers en pseudopolitici. Zijn voordracht - zijn stemgeluid is een mix van het accent van Herman Finkers, de droogkloterigheid van Midas Dekkers en de somberheid van Hans Dorrestijn - draagt uiteraard bij aan de kwaliteit van de column, maar de inhoud zelf is natuurlijk van groter belang.
Een fragment van deze week, ‘Witwassen in onschuld’: “In de Verenigde Staten is er de afgelopen maanden zoveel geld gestoken in het overeind houden van volstrekt malafide banken dat we daar makkelijk heel Haïti mee naar een stabielere omgeving hadden kunnen verhuizen. En in Londen pissen de meeste bankiers inmiddels alweer in diamanten toiletpotten en staan er in plaats van twee nu al drie Afrikanen klaar om ze te helpen met het afschudden van de laatste druppeltjes.”

Over Hans Dorrestijn gesproken. Ik heb een van zijn boeken met DPA-nieuws weer eens tevoorschijn gehaald. Voor wie het niet meer weet, DPA staat voor Dorrestijns Pers Agentschap. En ook al lees je de berichten voor de zoveelste maal, ze blijven hilarisch:
“DELFT - Het TNO heeft na enkele jaren van proefnemingen een oplossing gevonden voor zowel het melk- als het aardappeloverschot. Eind deze maand verschijnen de eerste milkshakes met aardappelsmaak. Er is een keuze tussen Bintjes, Rode Pipo’s, Bevelanders, Eigenheimers en Malta’s. Volgens ir. Kwijler van TNO zijn de milkshakes zeer voedzaam en bespaart het de huisvrouw ’s ochtends pap maken en ’s avonds aardappelschillen. De aardappelmilkshake wordt al beschouwd als het belangrijkste middel om het huishouden te ontlasten na de Kruimeldief.
(...)
Nog zo’n bericht maar dan anders. In Verwederveen (Kobbere) is een Vrouwenfanfare opgericht die als eerste in Europa gebruik zal maken van droogtrommels.”

Zo zie je maar, een goede column hoeft niet eens zo lang te zijn.

Misschien moet Lisanne uit Dinxperlo (zie 30 januari) een keer een goed boek of een kwaliteitskrant gaan lezen. Toch eens aan goede vriend R. , journalist en tekstschrijver, vragen of de opleiding journalistiek überhaupt een specialisatie columnschrijven heeft.

De Andere Wereld

woensdag 6 januari 2010

Een geheugen als een olifant

Een mooi ding, het geheugen. Zo werd G. vanochtend wakker met de letterlijke tekst van een eeuwenoud liedje van Boudewijn de Groot. Ze had haar ogen nog niet open of ze begon te declameren. Het zat haar dwars dat er nog twee, drie regels ontbraken en ze heeft niet gerust voordat ook die kwamen bovendrijven.

Ik heb haar vaak een beetje geplaagd met dat griezelig fenomenale geheugen voor liedteksten, maar eigenlijk ben ik stinkend jaloers. Toen de top 2000 aanstond zong ze alle liedjes gewoon woordelijk mee, of ze nu uit de jaren zestig, zeventig, tachtig of negentig stamden; alleen liedjes van de eenentwintigste eeuw ontbreken een beetje in haar repertoire. En dan zingt ze niet alleen Engelstalige liedjes mee, maar ook Franse, Italiaanse en Spaanse. Dalida: Gigi l’amoroso. Geen probleem. Gilbert Becaud, Frida Boccara, noem die Zuid-Europeanen allemaal maar op, ze balkt (nee, dat is niet het juiste woord, want ze zingt ook nog eens loepzuiver) alles gewoon mee. Ook als ze met haar Bachkoor een nieuw stuk instudeert, kent ze de tekst binnen een mum van tijd. Als je eens een concert meemaakt, dan is ze te herkennen aan het feit dat ze als enige de zaal inkijkt tijdens het zingen. En als klap op de vuurpijl heeft ze een perfecte uitspraak en weet ze ook nog eens wát ze zingt. De meeste mensen broddelen maar wat voor zich uit.

Er zijn heel wat sites volgeschreven met allerlei mondegreens (ze kwam binnen zonder klompen i.p.v. kloppen, laten we dansen, mijn biefstuk i.p.v. mijn liefste, all my luggage, I will send to you), spreekmoorden en verzegdes. Ooit hebben we een keer de Dreigroschenoper met koor en orkest uitgevoerd. De partituur was handgeschreven en inderdaad wat moeilijk te lezen. Een van de koorzangers zong consequent ‘boter - boter - boter’ in plaats van ‘toter - toter - toter’. Dan ben je lekker bezig. Er zijn vast nog een heleboel andere mooie voorbeelden te geven van dit soort taalverkrachtingen. Ik hou me aanbevolen voor originele inzendingen.

Gek genoeg kan G. niet onthouden welke kaarten eruit zijn als er een potje wordt geklaverjast. En dat kan ik nu weer wel. Lastig, want je maakt geen vrienden als je feilloos kunt vertellen waar een tegenspeler verzaakt heeft, maar wel handig als je voor het grote geld gaat. Misschien moet ik G. maar eens een keer op de kermis zetten en haar liedjesgeheugen gaan verzilveren.

Ter lering ende vermaak: www.onzetaal.nl en verder.

vrijdag 18 december 2009

Ontvrienden


En, bent u vandaag al ontvriend? Of heeft u zelf al flink zitten schrappen in uw Hyves- of Facebookverzameling? Vreemd hoor. Eerst is men laaiend enthousiast over de mogelijkheden tot netwerken die deze digitale gereedschappen bieden en vervolgens dunt men de lijst weer uit en kiest men het werkwoord dat daarbij hoort tot woord van het jaar. Bij een andere verkiezing won - toevalligerwijs - ‘twitteren’, ook zo’n netwerkwoord.

In ‘Bij Nader Inzien’ van Voskuil zegt Paul de vriendschap met een van de andere studenten op. Dat vond hij zelf heel normaal en hij begreep niet dat de rest van de groep daar zoveel heisa om maakte. Ikzelf heb het ook een keer meegemaakt dat iemand te kennen gaf me niet meer te willen zien. Daar bestaat al een woord voor: dumpen.

Het verkiezen van ‘ontvrienden’ als prijswinnend woord houdt een bepaald risico in. Het woord krijgt een soort status en rechtsgeldigheid dat de wollige woordcombinatie ‘de vriendschap opzeggen’ niet heeft. Je moet een escalerende uitwerking van zo’n verkiezing niet onderschatten. Ik voorzie situaties als bij het woord ‘swaffelen’: rijtjes joelende mannen die op de hoek van de straat allemaal met hun geslacht tegen een lantaarnpaal aan staan te slaan om de uitverkiezing van swaffelen te vieren. Ik zie ineens mijn toch al kleine volgersgroep ineenkrimpen tot slechts één. Ik ben bang dat Jan me een mailtje stuurt waarin hij me ontbroert of – erger nog – dat hij Saar en Mattijs heeft ontkinderd!
Morgen staat de buurman misschien wel op de stoep met de vraag of ik voordat hij me ontbuurt nog één keer de hond wil uitlaten. En wat dacht je van een al bestaand woord als ontboezemen? Dat krijgt ineens een heel ongewenste bijbetekenis.

Er zit niets anders op: een hertelling van de stemmen. En dan een móói woord kiezen. Het hoeft niet per se een woord uit 2009 te zijn. Ik stem voor ‘ontluiken’, mits dromerig uitgesproken.

http://www.onzetaal.nl/ot/index.php

dinsdag 1 december 2009

Lijstjestijd

1 december. Tijd voor het schrijven van lijstjes. Eerst de verlanglijst voor sinterklaas, daarna de boodschappenlijst voor kerst, dan de lijst met voornemens voor 2010. Daartussendoor nog even de top 2000 voor de popliefhebbers, de klassieke top 100 voor de wat beschaafdere ouderen onder ons, en de heavy metal top 1000 voor de doven.
Maar dit keer maken we niet alleen vooruitkijklijstjes. We staan aan het eind van het eerste decennium van de eenentwintigste eeuw en het is een goede gewoonte van de homo sapiens om een toplijst samen te stellen van de meest in het oog lopende voorvallen van de afgelopen jaren. Ronde getallen zijn gemaakt om gevierd te worden.

SBS6 heeft geen aanleiding nodig voor het vieren van de 25 meest … (vul maar in). De 25 Meest Hilarische Verborgen Cameramomenten, de 25 Meest Hilarische TV-momenten van 2009, de 25 Leukste Oer-Hollandse Gewoontes, de 25 Meest Hilarische Imitaties Ooit.

Let op het gebruik van de hoofdletters. Voor een volgende reeks hebben ze bij SBS6 niet meer voldoende aan de beginhoofdletters en moeten ze iets anders gaan verzinnen om het nog spectaculairder en overtreffender te maken. Het gebruik van alleen uitroeptekens zal niet meer voldoen. De hele styling van de titels moet op de schop. Hilarisch is niet genoeg, ‘uitzinnig’ is het nieuwe toverwoord.

‘De 25 MEEST UITZINNIGE Neuscorrecties ALLER TIJDEN!!!’
‘De 25 MEEST UITZINNIGE Versprekingen VAN NIEUWSLEZERESSEN!!!’
‘De 25 MEEST UITZINNIGE Uit Jurken Ploepende Borsten VAN DEZE WEEK!!!’
‘De 25 MEEST UITZINNIGE Flauwe En Platte Grappen Van Paul De Leeuw DIE DE TV NET NIET HAALDEN!!!’

Ook ik kijk regelmatig terug. Herinneringen ophalen is een mooi tijdverdrijf. Het schept een band en kan je het gevoel geven, dat je niet voor niets hier op deze aarde rondloopt. Toevallig vond ik bij het zoeken naar een of ander document voor de belastingen een map met al de sinterklaasgedichten die Greet en ik voor elkaar geschreven hebben in de periode dat we nog niet van elkaar af konden blijven (het gaat nu wat beter, dank u). Bij het voorlezen van een van die verzen moest Greet zo ontzettend lachen, dat de rugpijn die haar de nacht daarvoor uit de slaap had gehouden, subiet verdween.
Hoewel onderstaande gedichten eigenlijk privé zijn, mogen volgers van dit weblog toch een kijkje nemen in de keuken van onze toen prille relatie.
Mijn top 5 (gezien de overdaad aan het materiaal volstrekt willekeurig):
5.
Sint waakt over Joost zijn charmes, en als soms – jakkieboe! -
Joostjes mondje weer eens zuurbekt, steekt Sint hem een pottertje toe. (Piet Frisbek)
4.
Sint waakt over Joost zijn charmes; manlijk schoon mag nooit verloren.
Gooit Joost zelf er met de pet naar, dan wast Sint hem beide oren.
3.
Voor mijn liefste, die zo trouw steeds daaglijks naar mijn gunsten dingt.
(‘k Mag wel hopen dat je hierna niet zo uit je giechel stinkt!)

(Het moge duidelijk zijn, dat ik in de beginperiode van onze liefde nog niet de ideale man was die ik nu ben)

2.
Dikwijls is Joost
Op zichzelf het boost
Als hij stomme blunders maakt.
Want hij raakt – oei! –
Zo in de knoei,
Als hij dubbel heeft afgespraakt.

Met stip op 1.
HET CONSULT

JOOST:
Je weet, Sint, als man ben ik heel toegewijd,
maar ik kan zo doodmoe worden van die meid.
Waarom zou ze toch aldoor maar willen?
Komt het soms door mijn volslanke billen?
Geheid, in de badkamer krijgt ze de rage;
Toch zorg ik steevast voor camouflage!
Ik draag onderbroeken per strekkende meter;
Die knellen niet zo, dus dat lijkt me veel beter.
Een onderbroek, vind ik, moet lekker ruim vallen.
Dat geeft ventilatie aan piemel en ballen.
Het zorgt ook voor warmte tegen koudjes en kwalen,
Je kunt ze per slot tot je oksels ophalen.
Sint, wil me toch raad en uitkomst geven,
Doe er iets aan, want zó heb ik geen leven.

SINT:
‘k Heb onlangs hierover met Freud nog gebeld;
Ik ben dan ook blij dat u deze vraag stelt.
Mijn motto luidt hier: kanaliseren!
Men dient steeds de lusten te sublimeren.
Wat doet men met lastige hitsige meiden?
Men moet ze als ’t ware naar ’t hogere leiden.
Moderne kunst lijkt me hier zeer geschikt:
’t Is zaak dat u op de esthetica mikt.
Ik schrijf u een broek voor in verantwoorde kleur.
Die past dan meteen in het interieur.
Zo zal zij, wanneer u halfnaakt staat te prijken,
Veeleer naar de kunstzinnige kant ervan kijken.
Zij zal u gaan zien als een mooi schilderij,
En u heeft des morgens een half uurtje vrij.
In lekentaal heet dat: voor afleiding zorgen.
Da’s dan vijftig gulden; dag meneer, goede morgen.

Ach, ik mis ze wel, al die fraaie gedichten. Gelukkig zijn de lijstjes die Greet nu elke week op donderdagavond samenstelt (de menu’s voor de komende week) net zo mooi.

Kom je er zelf niet uit, dan zijn er tal van gedichtenservicebureaus. Bij ons kosten ze €25 per stuk. Ze rijmen en lopen, bieden lach en een traan. We schrijven ze pas, als ‘t bedrag is voldaan.

Ook kun je terecht op
http://www.sinterklaasgedichten.net/